Fictie

De tijdmachine

Ik was net naar een nieuwe stad verhuisd en had gehoord over de tijdmachine, die in een werkplaats bij de haven zou staan. Dit idee prikkelde mijn verbeelding zo dat ik maar bleef mijmeren over de mogelijkheden. Misschien zou ik 20 jaar terug in de tijd kunnen gaan om mijn tante nog eens te spreken, of naar de jaren 1930 reizen om mijn oma als tienermeisje in dienst bij een rijke dame te ontmoeten. Wellicht zelfs naar de dertiende eeuw, om te ontdekken hoe de mystica Hadewijch nu eigenlijk had geleefd. Zou het alleen mogelijk zijn om naar het verleden te reizen, of ook naar de toekomst?

Op een zonnige dinsdagmiddag, het was Allerzielen, ging ik naar de haven. Daar vond ik een werkplaats met op het uithangbord de tekst ‘WIJ MAKEN GRAAG DE TIJD VOOR U’. Ik liep door de open deuren naar binnen en zag een enorme zwarte kubus in het midden van de ruimte staan. Hij deed me aan de Ka’aba denken, al is die natuurlijk nog een stuk groter.

Een vrouw met grijze krullen kwam naar me toe. ‘Welkom, u wilt zeker even rondkijken?’

‘Graag. Ik ben zo benieuwd waar de tijdmachine me allemaal naartoe zou kunnen brengen. Zo’n tijdreis zal zeker wel wat kosten, hè?’

‘O, dit is geen tijdreismachine. Het is een machine die tijd maakt.’

‘Hoe werkt dat dan? Kun je bijvoorbeeld een uur laten maken om je dag langer te laten duren?’

‘We produceren hier alle tijd die nog moet komen. Vroeger zaten we goed op schema, toen maakten we de tijd soms wel tien jaar vooruit. Maar de machine is een tijd defect geweest, waardoor we achter zijn gaan lopen. We zijn nu bezig met morgenmiddag.’

‘Morgenmiddag? Maar dan is er toch een heel groot probleem als de machine weer kapot gaat, of als de stroom uitvalt?’

‘Een nieuw defect zou op dit moment inderdaad desastreus zijn. Om de stroomvoorziening hoeven we ons gelukkig geen zorgen te maken, want de machine loopt niet op elektriciteit.’

‘Waarop dan?’

‘Deels op gerecyclede oude tijd, maar er gaat altijd wat verloren dus dat is niet voldoende. Herinneringen zijn heel effectief als brandstof. Als we er genoeg van kunnen krijgen zijn we in staat om weer wat tijd in te halen. Heeft u misschien interesse om donateur te worden? Dat houdt in dat u maandelijks, of zelfs wekelijks langskomt om herinneringen te laten aftappen. U kunt zelf kiezen welke – bijvoorbeeld aan onbeduidende ogenblikken, of een vervelende herinnering waar u toch al vanaf wilde.’

Ik dacht even na. Mijn hoofd zat vol met herinneringen, en ik had het idee dat ik best wat kon missen. Bovendien was het voor een goed doel.

Even later tekende ik de formulieren voor een wekelijkse donatie en plande ik mijn eerste afspraak in.

Aanvankelijk volgde ik het advies op om banale herinneringen te doneren. Bijvoorbeeld 20 minuten waarin ik door de regen had gefietst, of de 10 minuten die ik op de metro had gewacht. Na een paar weken merkte ik dat dit toch problemen opleverde. Ik kon in mijn nieuwe woonplaats moeilijk de weg vinden, zelfs naar plekken waar ik al geweest was, omdat er happen uit mijn geheugen waren. Ook vergat ik Whatsappgesprekken die ik met mensen had gevoerd terwijl ik op de metro wachtte. Ik last steeds neurotischer al mijn conversaties terug om te voorkomen dat ik iets belangrijks miste.

Ik besloot om iedere week simpelweg mijn herinnering aan de vorige aftapsessie te doneren. Zo herinner ik me nu alleen de eerste paar afspraken en de laatste. De vrouw met de grijze krullen was er weer. Haar naam ben ik vergeten, maar ik durf er na al die maanden niet meer naar te vragen. Wie weet hoe vaak ik dat al heb gedaan.